logo

zaterdag, 17 mei 2014 12:02

Btw-verlaging voor elektriciteit: een sprong in het duister

Written by Mathias Bienstman en Sara Van Dyck
Rate this item
(4 votes)

De discussies over de btw-verlaging voor elektriciteit leiden tot een meningsverschil tussen de milieubeweging en sommige sociale organisaties en politieke partijen. De milieubeweging is tegen, een aantal linkse organisaties en partijen voor. De bron van het conflict is een andere visie op de gewenste prijs voor elektriciteit en fossiele brandstoffen. Volgens de voorstanders van de btw-verlaging moet een lagere prijs ervoor zorgen dat een basisrecht op energie gegarandeerd wordt. Voor de milieubeweging is dat een gevaarlijk idee. Een basisrecht garanderen door de prijs van elektriciteit en fossiele brandstoffen te drukken, is niet alleen slecht voor het milieu. Het is ook onhaalbaar.

Minister Johan Van de Lanotte drukte de btw-verlaging op elektriciteit erdoor met het argument dat het goed is voor de economie. Klimaatactivist Mathias Lievens sprak zich uit voor een btw-verlaging omdat ‘energie een basisrecht’ is. Tom de Meester, de energiespecialist van de PVDA, reageerde op de btw-verlaging door te hopen dat ‘stookolie nu snel nog volgt’. De fiscale maatregel kon op heel wat steun rekenen aan de linkerzijde. De meest gehoorde argumenten voor een btw-verlaging roepen nochtans veel vragen op. Ze staan zelfs haaks op een aantal centrale eisen van de milieu- en klimaatbeweging. Om dat duidelijk te maken, onderzoeken we de rationale voor een btw-korting op fossiele brandstoffen zoals stookolie of aardgas. De meeste bevindingen gelden ook voor een btw-verlaging op elektriciteit.

We hebben een basisrecht op energie, niet op fossiele brandstoffen

Energie-armoede is voor partijen zoals de PVDA de drijfveer voor een lagere BTW. Door energie goedkoper te maken, wil de partij ervoor zorgen dat iedereen kan genieten van een basisrecht op energie. Energievormen zoals warmte of licht verwarren we best niet met energiebronnen zoals olie of gas. Dat zorgt enkel voor verwarring. Zo pleit de PVDA met het volgende argument voor de btw-verlaging voor elektriciteit door te trekken naar aardgas: “Waarom zou elektriciteit immers wél een basisbehoefte zijn, en gas niet? Verwarming en verlichting zijn even noodzakelijk om menswaardig te kunnen leven.” Deze redenering steunt op twee wankele benen. Eén: ze claimt vanuit onze nood aan warmte of verlichting een basisrecht op aardgas of elektriciteit. Twee: de rechtvaardige hoeveelheid om een basisrecht te garanderen is niet nader bepaald.

Het eerste punt is niet triviaal: door in te gaan tegen het uitgangspunt van de energietransitie ondersteunt men de status quo. De energietransitie is erop gericht warmte en licht te voorzien uit propere, hernieuwbare bronnen zoals zon en wind. Door van het huidige gasverbruik een “basisbehoefte” of “basisrecht” te maken, worden de fossiele energiebronnen uit het verleden op een podium geheven. Het maakt het huidig verbruik onaantastbaar, want het vervult cruciale noden van mensen. Nochtans hebben we gelukkig enkel nood aan warmte en licht, niet aan olie of gas.

Van een basisrecht verwachten we bovendien dat het universeel toepasbaar is. Het is geen exclusief recht. Het geldt daarentegen voor iedereen. De onbeperkte toegang tot fossiele brandstoffen kan duidelijk géén basisrecht zijn. Mocht iedere mens evenveel aardgas of stookolie verbruiken als de doorsnee Belg dan zijn de reserves in een handomdraai op. De idee van een basisrecht is in een eindige wereld onvermijdelijk verbonden met een aanduiding van een rechtvaardige hoeveelheid. Dat geld ook voor onze noden en warmte en verlichting. We trachten ze te beperken en zo efficiënt mogelijk in te vullen. Een btw-verlaging staat daar haaks op.

Btw-verlaging leidt tot meer verbruik en extra emissies broeikasgassen

“Tegenstanders van de BTW beweerden ook dat een verlaagd btw-tarief tot energieverspilling zou leiden. Alsof gezinnen spaarlampen weer door oude gloeilampen vervangen omdat de BTW op elektriciteit naar 6 % zakt.” schrijft Tom De Meester van de PVDA. Met die uitval veegt de PVDA de milieubezwaren bij een btw-verlaging in één beweging van tafel.

Het is nochtans zeker dat gezinnen door de btw-verlaging meer energie gaan verbruiken. Dat hoeft niet te betekenen dat het totale verbruik zal toenemen: mogelijk wordt een bestaande daling in het verbruik enkel afgezwakt. Maar een negatief effect zal er zijn. Dat komt doordat we basisgoederen meer verbruiken als de prijs ervan daalt. Volgens de inschatting van het Planbureau zal het elektriciteitsverbruik door de btw-verlaging met meer dan 1 % toenemen.

Het Planbureau komt er in haar simulatie op uit dat die stijging van het elektriciteitsgebruik tot een klim van de broeikasgasuitstoot van 0,1 % op korte termijn tot 0,6 % op lange termijn leidt. Het bijkomend elektriciteitsverbruik van de gezinnen zal volgens het planbureau vooral door gascentrales gegenereerd worden. België zal zo op middellange termijn jaarlijks 700.000 ton CO2 meer uitstoten dan in een scenario zonder btw-verlaging. Dat is evenveel als de jaarlijkse uitstoot van bijna 70.000 Belgen. Ter vergelijking: het Vlaamse klimaatbeleid slaagt er met alle bijkomende maatregelen slechts in om de broeikasgasuitstoot in 2020 1 miljoen ton lager te brengen dan in het business-as-usual-scenario. In vergelijking met de reducties waar het klimaatbeleid toe komt is de stijging in emissies door de btw-verlaging aanzienlijk.

Positieve sociale en economische impact btw-verlaging erg discutabel

Het mediadebat over de btw-verlaging voor elektriciteit ging in de eerste plaats over de socio-economische effecten van de maatregel. Door de complexe wisselwerking met het indexmechanisme bleek het niet zo eenvoudig om die in kaart te brengen. Er circuleerden dagenlang tegenstrijdige stellingen in de opiniebijlagen van de kranten. Het planbureau komt er via haar modelmatige simulaties op uit dat de fiscale maatregel 8000 extra jobs creëert aan een kostprijs van 380 miljoen euro per jaar, of 47500 euro per job. De effecten op de consumptie en de groei zijn licht positief. Door het uitstellen van een indexering in de tijd heeft de btw-verlaging nauwelijks een effect op de koopkracht.

De btw-verlaging zorgt door de uitgestelde indexatie van de lonen wel voor een lastenverlaging voor de bedrijven. Maar als de put van 380 miljoen euro per jaar die geslagen wordt door de btw-verlaging op elektriciteit gevuld wordt met nieuwe lasten kan het voordeel voor de ondernemingen of het positieve economische effect zo weer verdwijnen. De opmerkelijke politieke coalitie die zich achter de aanpassing van de BTW schaarde, laat zich door die ongekende factor en de complexe wisselwerking met de index verklaren. Zowel de achterban van PVDA, Sp.a als Open VLD denkt dat ze met de btw-verlaging wint. Maar of dat daadwerkelijk zo is, hangt af van de manier waarop de kostprijs van de maatregel in de toekomst gefinancierd wordt. Met nieuwe (kapitaal)belastingen of besparingen?

De kern van de discussie aan de linkerzijde: mag milieubeleid sturen met prijzen?

In het debat rond de btw-verlaging komt iets aan de oppervlakte dat ook speelt in discussies rond bijvoorbeeld de prijs van huisvuilzakken of het rekeningrijden. Een aantal partijen is tegen gedragssturing via de prijzen. De vervuiler betaalt, riskeert immers uit te monden in ‘de betaler mag vervuilen’. Milieubeleid brengt zo de bestaande ongelijkheid pijnlijk aan de oppervlakte. Door níet te sturen met de prijzen neemt de gelijkheid in de samenleving nochtans niet toe. Ze uit zich enkel op een ander vlak.

Een goed gebruik van de inkomsten uit de (milieu)fiscaliteit biedt daarentegen wel de mogelijkheid om de sociale ongelijkheid tegen te gaan. Zo kan een evenwichtig vormgegeven kilometerheffing twee sociale doelen verwezenlijken. Ze kan de vervuiling verminderen, die in de eerste plaats sociaal kwetsbare gezinnen treft. Tegelijk kan ze de middelen genereren om de mobiliteit van die en andere groepen te ondersteunen. Vanuit sociaal en milieuoogpunt lijkt het dus logisch om via de fiscaliteit te herverdelen zodat de ongelijkheid afneemt. Niet om te trachten (schijnbaar) te herverdelen via de prijzen door maatschappelijke kosten niet door te rekenen.

Zonder zo een prijssturing is het erg moeilijk om bepaalde milieuproblemen aan te pakken. Zo is het goed mogelijk dat mensen de wagen blijven verkiezen, zelfs als alle alternatieven volledig op punt staan. De ideale beleidsmix bestaat daarom meestal uit het voorzien van alternatieven, sensibilisering en normering maar ook het verrekenen van de maatschappelijke kosten. Daarbij worden milieuschadelijke producten en gedrag zoals wegverkeer relatief duurder dan de alternatieven.

De milieubeweging krijgt soms het verwijt ‘te liberaal’ te zijn. Door te pleiten voor prijssturing doen we nochtans geen uitspraak over het meest wenselijke allocatiemechanisme. We stellen enkel dat zolang de markt en de prijs een rol spelen bij de allocatie van goederen en diensten, het logisch is dat die prijs ook de maatschappelijke kosten in rekening brengt. We vinden tevens dat de fiscaliteit meerdere functies heeft. Dus ook: sturing richting minder milieuvervuiling.

Btw-verlaging op elektriciteit niet doeltreffend of doelgericht

Op de prijsvorming voor fossiele brandstoffen op de internationale markten hebben onze beleidsmakers nauwelijks vat. België importeert alle olie, gas en steenkool uit het buitenland. Een maatregel die op dag één het recht op energie moet garanderen door de prijs te verlagen, kan op dag twee tenietgedaan worden door een even grote prijsstijging van fossiele brandstoffen op de internationale markten. Een waterdichte garantie van een basisrecht is dit niet. De btw-verlaging is geen doeltreffende strategie, het is hoogstens een tijdelijke verzachting van de pijn zolang de markten meewillen. Deze afhankelijkheid van de markt is vreemd voor een linkse strategie rond de toegang tot energie. Merk op dat het omgekeerde niet geldt: als de prijzen voor fossiele brandstoffen dalen, kan de overheid gemakkelijk de taxatie verhogen om de sturing richting alternatieven te handhaven. Fossiele brandstoffen of elektriciteit goedkoper maken voor alle gezinnen om een probleem van energiearmoede aan te pakken, dat zich bij minder dan 10 % van de gezinnen voordoet, is evenmin een doelgerichte strategie. Ze zal de overconsumptie van fossiele brandstoffen bij de 90% van de bevolking wiens basisrechten niet op het spel staan, bestendigen.

Een btw-verlaging lag in aanloop naar de verkiezingen goed in de markt. Eerder dan de reële effecten telt de perceptie: de belastingen worden verlaagd! Daarnaast spreekt de maatregel aan omwille van de stijgende elektriciteitskost. De elektriciteitsprijs is de afgelopen jaren sneller gestegen dan de koopkracht en zal dat de komende jaren blijven doen. België staat voor heel wat investeringen in het net, nieuwe productiecapaciteit en moet de tijdelijke steun voor groene stroom doorrekenen. De btw-verlaging pakt die opwaartse druk op de prijzen via een ongewone weg aan. Nochtans voeren we het debat over de toenemende kosten in de elektriciteitsfactuur best op een transparante manier. Daarbij moeten volgende vragen centraal staan: welke kosten financieren we via de energiefactuur en welke via de algemene middelen? Hoe worden de lasten tussen de gezinnen en de ondernemingen verdeeld. De btw-ingreep maakt daarin geen of een weinig transparante keuze.

Een alternatief programma voor de woningmarkt

Het btw-voorstel vertrekt van een goed uitgangspunt. De overheid moet de energiearmoede aanpakken. Tienduizenden gezinnen kunnen hun energierekeningen nu al niet betalen. Zo kan het niet verder. Het terugdringen van die energiearmoede is een beleidsprioriteit. Ook voor milieuorganisaties zoals Bond Beter Leefmilieu (BBL). De btw-verlaging leidt volgens het planbureau tot een daling van 12 % van de elektriciteitsprijs. Dat levert een doorsnee gezin vóór de vertraagde indexatie ongeveer 60 euro op. De BBL campagne Energiejacht, die énkel gedragstips geeft, levert voor de deelnemers een gemiddelde besparing op van 8,65 % op de totale energiefactuur. Dat staat gelijk met een besparing van 140 euro. Enkele gedragstips leveren dus al meer op dan de btw-verlaging voor het doorsnee huishouden.

Een standaard energierenovatie levert dalingen in het energieverbruik van 20 tot 30 % op. Een grondige, diepgaande energierenovatie levert een besparing op de energiefactuur op tot 75 %. De energiefactuur betaalbaar houden, ook bij stijgende energieprijzen, kan het best met energiebesparing. Niet met een beleid dat de energieprijzen tracht te drukken. Het is dus zaak om in de eerste plaats de woningen van mensen in energiearmoede grondig te isoleren.

Met de 380 miljoen euro per jaar die de btw-verlaging kost, valt er heel wat te doen. Bij 10.000 euro steun per woning zouden er jaarlijks maar liefst 38.000 woningen extra geïsoleerd kunnen worden. Dat levert volgens berekeningen van de Klimaatcoalitie meer dan 20.000 jobs op, alleen in de bouwsector. Het tewerkstellingseffect van de btw-verlaging valt met andere woorden gemakkelijk te overtreffen.

Daarnaast moet er een verplichting komen voor minimale energieprestaties van verhuurwoningen. Daarbij worden verhuurders ertoe verplicht om goede beglazing, een efficiënte verwarmingsinstallatie en isolatie aan te brengen. Dat zal voor de 20 % veelal sociaal kwetsbare gezinnen die huren een veel groter verschil maken dan de btw-verlaging.

Deze twee maatregelen lichten we eruit als voorbeeld. Bond Beter Leefmilieu schuift in haar memoranda een hele lijst maatregelen naar voor die de energieprestaties van gebouwen kunnen verbeteren en de energiearmoede tegengaan. Maar een btw-verlaging is er niet bij. De effecten ervan voor het milieu zijn negatief. De positieve sociale en economische effecten zijn beperkt en hangen af van de financiering van de maatregel. Bovendien zijn er heel wat maatregelen die globaal meer positieve effecten hebben, zoals een investeringsprogramma voor energierenovaties.

Mathias Bienstman, Beleidsmedewerker klimaat Bond Beter Leefmilieu
Sara Van Dyck, Beleidsmedewerker energie Bond Beter Leefmilieu

 

Read 6651 times Last modified on donderdag, 28 augustus 2014 15:08

Doneer

Wil je Oikos steunen als onafhankelijk platform? Dan kan door een bijdrage – groot of klein - te storten op BE29 0015 9877 0164 (BIC: GEBA BE BB) van Oikos vzw.

Over Oikos

Oikos wil een toonaangevend forum zijn voor de sociaal-ecologische tegenstroom. Oikos vertrekt vanuit de analyse dat het gangbare economische model ecologisch niet duurzaam is, en dat de emancipatie van velen in onze samenleving en de wereld nog lang niet voltooid is. Oikos behandelt alle dimensies van dit streven naar verandering: de onderliggende ethiek, de analyse van de bestaande toestand, de ontwikkeling van alternatieven en de politieke strategie.

Gratis proefnummer

Wil je graag een gratis proefnummer ontvangen van Oikos? Dat kan! Vul op deze pagina jouw gegevens in en wij sturen jou het laatste Oikos nummer als gratis proefnummer op.