logo

woensdag, 18 mei 2011 12:46

De triomf van Onslow

Written by
Rate this item
(4 votes)

Theodore Dalrymple is in. Bart De Wever plaatste hem op een voetstuk. De liberale denktank Libera! gaf hem de Prijs van de Vrijheid. De Standaard geeft hem een vaste tribune. Het denken van Dalrymple staat model voor het nieuwe conservatisme dat nu ook in Vlaanderen opgang schijnt te maken. Reden om een reeks essays van de hand van Dalrymple door te nemen.

Theodore Dalrymple is een Brits psychiater. Hij verkoopt weinig theorie, maar put vooral uit zijn ervaring in een ziekenhuis en gevangenis in een grote Britse stad. Dat is de sterkte van zijn bekende essaybundel ‘Leven aan de Onderkant’ (2004). Het beeld dat hij  daarin schetst van de Britse onderklasse, is beklijvend. Het gaat om mensen die nooit geleerd hebben om verantwoordelijkheid op te nemen voor hun eigen leven. Ze hebben zich genesteld in hun afhankelijkheid van uitkeringen en zorg. Ze zijn het slachtoffer geworden van het moreel relativisme dat gepredikt wordt door de progressieve intellectuele bovenlaag.  Relaties en gezinnen vallen uiteen, vrouwen worden mishandeld, kinderen verwaarloosd, drugs, alcohol, geweld, misdaad zijn schering en inslag.  Werkloosheid is de norm. Uitkeringen het smeermiddel. Maar  er is een constante : geen van zijn patiënten ziet zich zelf als dader, ze beschouwen zich zelf altijd opnieuw als slachtoffer. “Het overkomt hen”. “Het mes ging erin” – “Heroïne is overal”… : de voorbeelden die Dalrymple geeft uit zijn praktijk liegen er niet om.

Maar ook de hypocrisie, de zelfhaat van de progressieve middenklasse brengt hij zeer raak in beeld : de wijze waarop ze zich conformeren aan de gewoonten, de kleding, het woordgebruik van de onderklasse : “de ruige chic”. Skinheads, tatoeages, groffe taal  tot gebral en hooligan gedrag toe : de onderklasse zet nu de toon. “Fuck you’ – ‘Mother fucker’ - ‘You’re shit, and you know you are’ : het normale taalgebruik in film en muziek. Alle normen vervagen…

Het lijkt wel de ‘Keeping up appearances’, maar dan sterk uitvergroot.  Onslow regeert. Daisy en Rose zetten mee de toon. Hyacinth en Richard Bucket zijn het toonbeeld van bekrompenheid en het voorwerp van spot. 

Moreel relativisme

Dalrymple’s analyse is veel meer dan een kritiek op een doorgeschoten verzorgingsstaat, op overdreven gepamper van welzijns- en straathoekwerkers. Het is vooral een cultuurkritiek, een vlijmscherpe ontleding van een naar zijn  gevoel ontwrichte samenleving. In elk geval een noodkreet waarin velen zich herkennen.

De rauwe getuigenissen die hij uitschrijft in ‘Leven aan de Onderkant’ kunnen niet weerlegd worden. Ze zijn allicht niet verzonnen, zoals sommigen van zijn tegenstanders ooit op-wierpen. Ze zijn uit het leven gegrepen.

Zijn ze representatief? Dalrymple zelf gaat er van uit dat één derde van de Britten tot deze onderklasse behoort. En dat de andere tweederde zich uitslooft om zich zo weinig mogelijk van die onderklasse te onderscheiden. In Vlaanderen spreken we over de vierde wereld. Maar reikt ook hier de onderlaag niet veel verder en staat ze ook hier niet model voor velen?

Het betoog van Dalrymple wordt veel minder overtuigend als hij  op zoek gaat naar de oorzaken van zoveel verloedering.  Daarbij komt hij steevast uit bij de linkse intellectuelen en hun totaal gemis aan verantwoordelijkheidszin. Jean-Paul Sartre, Herbert Marcuse, Thomas Szasz, Norman Brown, noem maar op : zij hebben onze beschaving  op een sluipende manier bezoedeld. Hun giftige ideeën sijpelden door via de massa media en werden gemeengoed.  Zinloosheid, immoraliteit, goedkoop geweld, vrije drugs, losbandigheid,… De middenklasse proefde ervan, speelde ermee, maar de onderklasse nam het voor waar aan, voelde geen remmingen meer en ging hieraan ten onder. In de bundel “Beschaving, of wat ervan over is” (2005) geeft Dalrymple het voorbeeld van de antropologe Margaret Mead die de promiscue relaties beschreef op de Samoa eilanden of toch haar perceptie hiervan. Een Zuidzeeparadijs van vrije liefde, de wetenschappelijke versie van de ‘Blue Lagoon’. Maar voor Dalrymple vooral een linksige constructie, een gevaarlijk waanbeeld dat veel onheil aanrichtte. Onder het mom van wetenschappelijkheid.

Dalrymple is niet de uitvinder van de ‘Linkse Kerk’. Maar dit beeld van Pim Fortuyn en comsoorten  vat goed zijn denken samen.  En hier gaat hij kort door de bocht. Zijn geschimp op de progressieve elites overtuigt niet.  De invloed van een handjevol intellectuelen wordt mateloos overschat. Wat Dalrymple krampachtig buiten beeld laat, is de hypocrisie en de verdrukking die aan de progressieve revolutie vooraf gingen : klassieke rolpatronen, betutteling, verstikkende conformiteit, sociale uitbuiting, de vrouw aan de haard, de verdrukking van andere geaardheden,… Dat de reactie van de tegencultuur soms in een ander uiterste is door geslagen, is makkelijk te beamen. Maar suggereren dat er een makkelijke weg terug is, is irreëel, simplistisch en misleidend.

Het gevolg is dat hij dan zelf uit de bocht gaat, overkomt als een zeurderig moralist die niet mee is met zijn tijd.  Dan wordt hij zelf de elitaire intellectueel die zich ver boven de massa zet en misprijzend neerlijkt op vormen van culturele democratisering. Zo bij voorbeeld als hij Oasis of voor hetzelfde geld alle pop- en rockgroepen als vormen van acute zedenverwildering afdoet.

Misschien moeten we Onslow niet tot volksheld uitroepen. Maar een terugkeer naar de tijd van Upstairs/Downstairs is ook geen aanvaardbaar alternatief.

De sociale welvaartstaat als poel van verderf?

Maar het betoog van Dalrymple wordt zuiver ideologisch en populistisch als het over de sociale welvaartstaat gaat. Let wel, hij gaat de confrontatie nooit rechtstreeks aan, met open vizier. Hij laat veel uitschijnen, suggereert veel , maar laat zich zelf nooit vastpinnen op te onverkwikkelijke waarheden.

Een voorbeeld. In ‘Leven aan de Onderkant’ (in de column ‘Wat is armoede?’) beschrijft Dalrymple hoe hij in zijn kliniek ooit drie jonge artsen ontving, uit Bombay, Madras en Manilla. De eerste dagen keken ze hun ogen uit, zo schrijft hij,  en waren ze vol lof over de Britse verzorgingsstaat die in Engeland al die mensen met hun miserie opving. Maar na drie maanden weten ze wel beter : “Nu zien ze die verzorgingsstaat eerder als een besmettelijke ziekte van gesubsidieerde apathie die het leven van de mensen die er zogenaamd van profiteren, volkomen verduistert. Ze beseffen dat asociaal verdrag wordt bevorderd door een systeem dat uitkeringen verstrekt zonder een moreel oordeel uit te spreken. De geestelijke armoede van de bevolking lijkt hun erger dan alles wat ze ooit in hun eigen land hebben mee gemaakt…”Over het geheel genomen”, zei een Filippijnse dokter, “is het leven in de sloppenwijken van Manilla beter…

Heeft Dalrymple hiermee gezegd dat we af moeten van onze sociale verzorgingsstaat en de mensen terug moeten sturen naar de sloppenwijken? Natuurlijk niet. Maar geef toe : het klinkt wrang. De besluiten moeten we zelf trekken : mensen voor hun eigen verant-woordelijkheid stellen, uitkeringen afbouwen, inperken of verbinden aan strikte (morele) voorwaarden. “Weg met de bijstandscultuur” zoals De Standaard titelde in een bijdrage over Dalrymple op 7 mei jl.

In 2011 is het overigens oud nieuws : de activering van uitkeringstrekkers is al lang een gangbare praktijk geworden, zelfs aan de linkerzijde van het politieke spectrum. De vraag is waar dit soort van activering dan moet stoppen? Zeker aan de vooravond van een nieuwe besparingsgolf in ons land. Gaan we het recht op uitkeringen uiteindelijk vervangen door de gunst van microkredieten, in de hoop dat armen zich op eigen krachten opwerken tot “slumdog millionaire”?

 

 

Theodore Dalrymple toonde me dat het mogelijk was om op een moderne en sociaal relevante manier een klassiek-liberaal en gematigd conservatief discours naar het heden te vertalen” aldus Bart De Wever op zijn recente laudatio aan het adres van Dalrymple. Daarmee is niet alles, maar toch veel gezegd…

 

Read 8822 times Last modified on vrijdag, 03 april 2015 14:07
Johan Malcorps

Fractiesecrertaris van de Groen!-fractie in het Vlaams

Parlement - voormalig parlementslid en politiek

secretaris van Groen!

C:\Users\johan.malcorps\Pictures\080620_01_JohanMalcorps.jpg
More in this category: « Niet weten Ecosimpel is ecoslim »

Doneer

Wil je Oikos steunen als onafhankelijk platform? Dan kan door een bijdrage – groot of klein - te storten op BE29 0015 9877 0164 (BIC: GEBA BE BB) van Oikos vzw.

Over Oikos

Oikos wil een toonaangevend forum zijn voor de sociaal-ecologische tegenstroom. Oikos vertrekt vanuit de analyse dat het gangbare economische model ecologisch niet duurzaam is, en dat de emancipatie van velen in onze samenleving en de wereld nog lang niet voltooid is. Oikos behandelt alle dimensies van dit streven naar verandering: de onderliggende ethiek, de analyse van de bestaande toestand, de ontwikkeling van alternatieven en de politieke strategie.

Gratis proefnummer

Wil je graag een gratis proefnummer ontvangen van Oikos? Dat kan! Vul op deze pagina jouw gegevens in en wij sturen jou het laatste Oikos nummer als gratis proefnummer op.