logo

zondag, 06 maart 2011 13:28

Hernieuwbare energie : big bussiness

Written by
Rate this item
(1 Vote)

Het EREC (European Renewable Energy Council), de koepel van de hernieuwbare energiesector in Europa, biedt met het boek ‘Renewable Energy in Europe ‘ een goed gedocumenteerd overzicht van de verschillende soorten hernieuwbare energie, van wind- en zonne-energie, tot geothermie en biobrandstoffen. Maar van veel zelfkritiek kunnen de auteurs niet verdacht worden.

Het EREC (European Renewable Energy Council), de koepel van de hernieuwbare energiesector in Europa, biedt met het boek ‘Renewable Energy in Europe ‘ een goed gedocumenteerd overzicht van de verschillende soorten hernieuwbare energie, van wind- en zonne-energie, tot geothermie en biobrandstoffen. Het uitgangspunt is telkens de Europese doelstelling (20% hernieuwbare energie tegen 2020) en hoe de diverse hernieuwbare technologieën hier kunnen toe bijdragen. Voor elke soort hernieuwbare energie worden de technologieën geschetst, de kosten, de markt, het potentieel op kortere en op langere termijn (voorbij 2020). De slotsom is dat enkel door een integratie van de verschillende technologieën ambitieuze klimaatdoelstellingen kunnen gehaald worden.

In de inleiding worden ook een aantal belangrijke spelregels naar voren geschoven. Zo bijvoorbeeld  het belang van decentrale opwekking en van het drukken van de kosten voor transmissie en distributie. Of het belang van het terugdringen van de bureaucratische rompslomp die de snelle ontwikkeling van de nieuwe energietechnologieën afremt.

In het overzicht blijkt dat het enorme potentieel van bepaalde technologieën onderschat of nauwelijks bekend is. Dat geldt met name voor de thermische zonne-energie. Zonne-collectoren zijn een immens succes zeker in Zuid-Europa. In Griekenland zijn thermo-sifons het eerste voorbeeld van een hernieuwbare energie die zonder verdere steun van de overheid geheel zelfbedruipend  is geworden en nu bijna overal wordt toegepast. Bovendien kunnen deze collectoren veel meer dan enkel zorgen voor warm water, er zijn combi-systemen op de markt die ook zorgen voor ruimteverwarming, air-conditioning (“solar cooling”) en op industriële gebouwen voor proceswarmte. Zonnecollectoren zouden standaard kunnen opgenomen worden in bouwcodes. De toekomst is aan ‘solar active houses’ , huizen die zichzelf verwarmen en nog eens warmte kunnen leveren aan de buren…

Wat dan weer mooi aansluit bij het hoofdstuk over biomassa, waarin niet enkel het groot potentieel van de houtpellet productie wordt toegelicht, maar ook de kansen geboden door lokale warmtenetten (district heating). Bijzonder interessant zijn  de uitgebreide hoofdstukken over zowel geothermische warmteproductie (ook in combinatie met stadsverwarming), maar ook van geothermische  stroomproductie.

In de hoofdstukken over windmolens en photovoltaïsche zonne-energie blijkt dat België mee surft op de hype, maar in de feiten toch achterop blijft hinken. Het succes van het Duitse feed-in-systeem wordt uitvoerig uit de doeken gedaan. Andere systemen (zoals het werken met groenestroomcertificaten zoals bij ons) hebben meer nadelen. De economische groei- en tewerkstellingskansen komen uitgebreid aan bod, maar ook het probleem van een dreigend tekort aan geschoolde arbeidskrachten. Voor de zonnecellen wordt gewezen op de grote milieuwinst die nog kan gemaakt worden als gekozen wordt voor de recyclage van het silicium, glas en aluminium in PV modules. Naast de economische kan zo ook de ecologische terugverdientijd voor de aanmaak van PV modules gereduceerd worden tot anderhalf jaar. Via een tijdstabel laat men zien wanneer in verschillende Europese landen de ‘grid parity’ zal bereikt worden, het moment dat de groene stroom uit PV zonnecellen zonder overheids-steun competitief wordt t.o.v. grijze stroom. Een apart hoofdstuk beschrijft de mogelijkheden van CSP (centralised solar power) in Zuid-Europa en Noord-Afrika en de wereldwijde ‘sun belt’.

Aparte hoofdstukken zijn er rond oceanische energie (getijden – en golfslag- energie) met een boeiend overzicht van de operationele installaties in Europa. En uiteraard kan ook kleinschalige waterkracht niet ontbreken.

Het minst overtuigend zijn de hoofdstukken over bio-energie en vooral over bioethanol en biodiesel. Vooral in deze delen lijkt het alsof men slaafs spreekt voor  de eigen industrie. Duurzaamheidscriteria of het probleem van voedselsoevereiniteit komen weinig aan bod. Over tweede- of derde generatie briobrandstoffen wordt nauwelijks gerept.

Daardoor krijg je uiteindelijk bij het lezen van die hele goed nieuws show over hernieuwbare energie (zonder onderscheid) toch een ongemakkelijk gevoel. Problemen als het terugschroeven van overheidssteun, de intussen moordende concurrentie vanuit China en een dreigende handelsoorlog rond de productie en uitvoer van PV modules mogen het feest blijkbaar niet verstoren. Laat staan dat men een rangorde zou aangeven tussen de verschillende energieën. Nochtans is het dringend nodig om deze discussie te voeren en een onderscheid te maken tussen hernieuwbare overgangstechnologieën (biomassa) en groen- groene energievormen, wind- , grond- en water-, met op het eind van de rit wellicht vooral zonne-energie.

In zijn film ‘Die Vierte Revolution’(2010) schetste de inmiddels overleden Hermann Scheer de wereldtransitie van fossiele brandstoffen naar schone hernieuwbare zonne-energie. Een dergelijke overkoepelende toekomstvisie ontbreekt in het EREC-boek. Daar gaat men meer uit van de filosofie : wat technisch mogelijk is op vlak van hernieuwbaar, doen we ook. Waar hebben we dat nog gehoord?

 

EREC (European Renewable Energy Council)

Renewable Energy in Europe

Markets, Trends and Technologies

Earthscan, 2010, 272 p.

Read 7217 times Last modified on vrijdag, 03 april 2015 14:07
Johan Malcorps

Fractiesecrertaris van de Groen!-fractie in het Vlaams

Parlement - voormalig parlementslid en politiek

secretaris van Groen!

C:\Users\johan.malcorps\Pictures\080620_01_JohanMalcorps.jpg

Doneer

Wil je Oikos steunen als onafhankelijk platform? Dan kan door een bijdrage – groot of klein - te storten op BE29 0015 9877 0164 (BIC: GEBA BE BB) van Oikos vzw.

Over Oikos

Oikos wil een toonaangevend forum zijn voor de sociaal-ecologische tegenstroom. Oikos vertrekt vanuit de analyse dat het gangbare economische model ecologisch niet duurzaam is, en dat de emancipatie van velen in onze samenleving en de wereld nog lang niet voltooid is. Oikos behandelt alle dimensies van dit streven naar verandering: de onderliggende ethiek, de analyse van de bestaande toestand, de ontwikkeling van alternatieven en de politieke strategie.

Gratis proefnummer

Wil je graag een gratis proefnummer ontvangen van Oikos? Dat kan! Vul op deze pagina jouw gegevens in en wij sturen jou het laatste Oikos nummer als gratis proefnummer op.