logo

  • Harald Welzer2
  • Juliet Schor-4
  • DSC 0116-banner
  • michel bauwens 2
  • vandana shiva 38-3
  • p5
  • p6b
  • p4
  • SaskiaSassen1
  • Harald Welzer
  • Juliet Schor
  • Ecopolis 2015
  • Michel Bauwens
  • Vandana Shiva
  • Rob Hopkins
  • Het Groene Boek 2012
  • Dennis Meadows
  • Saskia Sassen

Laatste bijdragen schrijversgemeenschap

maandag, 16 februari 2015 13:49

Verslag ecoconversatie met Paul Verhaeghe

Written by Wim Schrever
Rate this item
(1 Vote)

Ter gelegenheid van het Feestcongres om de vijfjarige werking van Oikos in het licht te zetten, werden er ook enkele conversaties georganiseerd in de Vooruit (Gent) op zaterdag 31 januari. Een van de denkers die in debat gingen met een geëngageerd publiek was Prof. Paul Verhaeghe.

In deze samenvatting van het ruim twee uur durende gesprek proberen we enkele van de stellingen en adviezen weer te geven.

Zijn uiteenzetting over hoe onze leefwereld er vandaag uitziet, kan soms een opsomming van metingen en statistieken lijken. Uit de exclusieve ecoconversatie kon niettemin zijn optimistische toekomstvisie blijken. 'De politiek zoals we die nu kennen is dood. Alleen weten onze huidige politici het nog niet.' Om het met de woorden van Freek De Jonge te zeggen: Er is leven na de dood.

In zowat alle sectoren zijn werknemers overbelast. Dat is ook zo in de sociale sector. Hoe kan dat aangepakt worden? Hoe kunnen we de veerkracht van de mensen toch terug op peil brengen? Hoe kunnen we een tegenbeweging maken?

'Om te beginnen is de formulering 'hoe kunnen we de veerkracht oplossen?' al typisch voor het hedendaags denkmodel in een neoliberale samenleving. Daarin wordt het individu verantwoordelijk gesteld voor de toestand waarin het zich bevindt. Alsof resilience -de Engelse term voor veerkracht- een individueel bepaalde, fysieke capaciteit zou zijn, iets zoals uithoudingsvermogen. Maar dat is het natuurlijk niet.
Er wordt dus een oplossing verwacht om de veerkracht van de mensen als het ware op te krikken. Eigenlijk is dat een beschuldiging, alsof die mensen niet voldoen. We zouden het ook anders kunnen omschrijven als: die mensen zijn niet flink genoeg. Dat zegt net hetzelfde maar dan met een morele vingerwijzing. Het komt er op neer dat het individu geacht wordt het zelf op te lossen. En als het bij het ene individu niet lukt, wordt er een tweede individu -de zorgverlener- bijgehaald. En als het daarmee niet lukt, wordt er naar pillen gegrepen.
Het is zeker geen goed idee om uitsluitend het individu als verantwoordelijke te stellen voor zijn of haar problemen. Ook de omgevingsfactoren spelen daarin een grote rol.
Langs de andere kant mogen we ook niet alle fouten toewijzen aan de maatschappij -zoals dat in de jaren '60-'70 de gewoonte was- want dan creëeren we een slachtoffermentaliteit. En daarmee is niemand gebaat.
Hulpverleners staan met andere woorden in een spreidstand tussen de verantwoordelijkheid enerzijds bij het individu en anderzijds bij de omgevingsfactoren leggen. Er moet altijd van persoon tot persoon gekeken worden wat er aan de hand is, wat zijn of haar context is.

Maakt de neoliberale meritocratie meer mensen ziek?

Om ons goed te voelen is het belangrijk dat we erkenning van andere mensen krijgen. Dat is heel belangrijk. Erkenning van mensen uit onze intieme kring, zoals de partner, familie en vrienden, die ons graag zien omwille van onze intrinsieke kenmerken. Maar in toenemende mate ook erkenning van mensen uit onze werkkring, waar we beoordeeld worden op onze extrinsieke kenmerken: de gepresteerde cijfers, omzet, de evaluatie- en functioneringsgesprekken enz.
Het mensbeeld dat daar in schuilt is dat je ofwel een winnaar bent ofwel een verliezer. Dat is een heel zwart/wit beeld dat kan leiden tot veel depressies: in de statistieken kunnen we merken dat depressies voor 2000 veeleer familiaal gerelateerd waren, nadien zijn depressies veeleer gerelateerd aan de werkkring.
Een tweede factor die instaat voor de toename van zeer veel problemen is een medisch-psychologische: stress. En die heeft niet alleen met het arbeidsklimaat te maken maar ook met onze maatschappelijke evolutie. Stress is vandaag een modewoord, waarvan niemand nog precies weet wat het precies inhoudt. Terwijl het een medisch concept is: ons lichaam dat in voortdurende interactie is met de buitenwereld, krijgt voortdurend prikkels binnen. Van heel subtiele tot heel opvallende. Ons lichaam is eigenlijk een verwerkingsmechanisme van prikkels. En als we teveel van die prikkels moeten verwerken, ervaart ons lichaam dat als een fysieke bedreiging en dan gaat het een bepaald hormoon, cortisol, afscheiden als een soort werkzame reactie waardoor we ons beter kunnen verweren. Nadien, als de situatie opgelost is, moet dat cortisolniveau weer dalen.
We worden de laatste twintig jaar echter constant blootgesteld aan een overvloed aan prikkels. Daardoor hebben we allemaal constant een te hoog cortisol-niveau. Het gevolg daarvan is dat onze immuniteit daalt en dat ontstekingprocessen in het lichaam gaan toenemen. En dat veroorzaakt vervolgens heel veel ziektetoestanden.
Dus enerzijds hebben we die neoliberale identiteitsproblematiek en anderzijds een enorme stressproblematiek. De combinatie van die twee vertaalt zich in steeds meer problemen, gaande van angst en depressie, inflammatoire ziektes, dalingen in immuniteit met daardoor veel meer ziekteuitval. Daar wordt veel te weinig bij stil gestaan.'

Zet de meritocratie een rem op de participatie van etnisch-diverse burgers?

'Dat is niet zo eenvoudig te beantwoorden. Alleen al om het feit dat autochtonen en allochtonen niet slechts twee groepen zijn: het is veel complexer dan dat.
Maar als ik er een ding in kan zien is het dat de meritocratie zoals wij ze nu kennen puur gericht is op het individu. Terwijl bij de meeste niet-westerse etnische groepen vaak wordt uitgegaan van het collectieve. En dan werkt dat individuele daar niet in. En dan kan je dat zelfs niet overbrengen. Zelfs jonge kinderen uit de allochtone gemeenschap denken sneller vanuit een collectief standpunt. Vanuit dat standpunt gezien is hun visie (die beter is dan ons individu-gericht model) iets wat integratie moeilijker maakt.'

In een vorig interview in Humo vertelde u dat dat u van uzelf had gemerkt dat u cynischer aan het worden was. Kan u daar wat meer over vertellen?

'Toen ik in de jaren '80 begon te werken aan de faculteit van de Universiteit hebben wij nog de positieve periode van de meritocratie meegemaakt. Op basis van kwaliteit werd er nog een onderscheid gemaakt in de beslissingen. Gaandeweg werd dat echter meer en meer een meritocratie van cijfers en statistieken waarin de kwaliteit naar de achtergrond begon te verdwijnen. In die evolutie -en dat had zeker ook te maken met het ouder worden- zag ik mezelf en mijn omgeving steeds cynischer worden.
In feite is dat een afweermechanisme want cynisme is een vorm van verdediging, om je staande te houden. En vooral: het is een manier om je niet te hoeven engageren: je kan scherp schieten op iets, maar je doet er niets aan. En dat is niet gezond. Bovendien is het zeer ongenietbaar voor je omgeving. Toen ik dat ingezien had, heb ik het mezelf afgeleerd. Dat was een niet zo fijne ervaring. Intussen heb ik dat cynisme volledig achter me kunnen laten.'

Hoe kan je als individu uit het overheersende neoliberale marktverhaal stappen van competitie, comsumptie en hebzucht? En hoe kan je daarmee het politieke discours doen kantelen?

'Het neoliberaal meritocratische zet elk van ons apart, iedereen tegen iedereen. Een van de gevolgen daarvan is dat iedereen met zijn of haar eigen problemen bleef zitten -ik formuleer het in de verleden tijd want het is aan het veranderen- en dat niemand daarover durfde spreken.
Dus om te beginnen kunnen we proberen los te komen uit dat individuele zodat er opnieuw een sociaal contact ontstaat tussen mensen.
Het is ook zo dat zingeving een groot gemis is in onze samenleving. Vaak lees je dat mensen zelf moeten instaan voor hun zingeving want religie en de grote verhalen zijn verdwenen. Maar dat gaat niet op je eentje. Zingeving is altijd het product van een groep, zelfs al is het met drie personen.
Zingevend werken kan zelfs in een kleine groep: van zodra je een gemeenschappelijk doel voor ogen hebt, ontstaat de zingeving vanzelf. In die zin zijn verenigingen zoals Oikos ontzettend belangrijk. Want daar vinden mensen weer een impuls om contacten te leggen.
We hebben de groep nodig, ook om ruzie te maken. Want op je eentje zit je alleen maar te verpieteren.
De herontdekking van het collectief is een heel belangrijke evolutie in onze huidige zoektocht naar zingeving.
Op die manier wordt het politiek discours bijgestuurd: al die bottom-up initiatieven zijn een teken aan de wand. Zij fietsen letterlijk en figuurlijk langs de traditionele structuren heen, want die hebben allemaal boter op het hoofd.
Al die kleine groeperingen zijn bezig een nieuw economisch en politiek verhaal aan het schrijven. Het belang daarvan kan niet genoeg onderschreven worden.
Bovendien is de huidige politiek zoals we die nu kennen morsdood. Alleen weten de politici het nog niet. De burger is niet politiek onverschillig, zoals de traditionele politieker het nog graag verwoordt. Net integendeel: de burger is wel degelijk geïnteresseerd in politiek. Maar niet meer in de traditionele partijpolitiek zoals wij die nu kennen.
Ik moet daarbij denken -misschien toch een beetje cynisch, het zij zo ( hij lacht)- aan een verhaal van Edgar Allen Poe, over meneer Valdemar die dood is maar het nog niet weet. Dat is wat er met onze huidige partijpolitici aan het gebeuren is: ze zijn dood, maar ze weten het niet.'

Een positieve noot om mee af te sluiten. Het was een leerrijk debat.
Wat die avond in de Gentse Vooruit nog volgde was een congres waar elk van de sprekers voor alle aanwezigen nogmaals aan bod kwam.
De opkomst stemde de coördinator van Oikos, Dirk Holemans, meer dan tevreden: met ruim zevenhonderd mensen zat de theaterzaal afgeladen vol. En er was een wachtlijst van nog zowat driehonderd geïnteresseerden.
Om het met de woorden van een andere Nederlandse cabaretier, Toon Hermans, te zeggen: er ruist wat in het struikgewas.

 

Verslag: Wim Schrever
Foto: Liza Noteris

Dit verslag wordt ook nog gepubliceerd in de volgende editie van de vrijwillige en interculturele Giesbaergske Koleuren Gazette (alle edities zijn online te lezen op www.giesbaergskekoleurengazette.be).

 

Read 3471 times Last modified on maandag, 16 februari 2015 14:02

Doneer

Wil je Oikos steunen als onafhankelijk platform? Dan kan door een bijdrage – groot of klein - te storten op BE29 0015 9877 0164 (BIC: GEBA BE BB) van Oikos vzw.

Over Oikos

Oikos wil een toonaangevend forum zijn voor de sociaal-ecologische tegenstroom. Oikos vertrekt vanuit de analyse dat het gangbare economische model ecologisch niet duurzaam is, en dat de emancipatie van velen in onze samenleving en de wereld nog lang niet voltooid is. Oikos behandelt alle dimensies van dit streven naar verandering: de onderliggende ethiek, de analyse van de bestaande toestand, de ontwikkeling van alternatieven en de politieke strategie.

Gratis proefnummer

Wil je graag een gratis proefnummer ontvangen van Oikos? Dat kan! Vul op deze pagina jouw gegevens in en wij sturen jou het laatste Oikos nummer als gratis proefnummer op.