logo

Schaf de keuken af

'En wat hebt u nu zelf deze middag gegeten, mevrouw?'
'Oh? Niets. Ik heb nog niets gegeten. Het kwam er niet van.'

Het ding met historische verschuivingen is dat je ze niet meteen herkent. Je ziet alleen iemand die een pak ouder of een pak jonger is dan jij, en die iets zegt of doet wat jij vreemd, schokkend of belachelijk vindt. Soms is het een hele groep mensen, die allemaal volharden in belachelijkheid, en nog zal het niet meteen dagen dat voor je neus geschiedenis geschreven wordt. 

Je verwacht bij geschiedenis natuurlijk ook iets groots, iets met wapens, uitvindingen, staatsleiders. Niet dat het over je middageten zal gaan. Maar daar stond ik, toen 34 jaar oud, voor een zaal in Leuven die gevuld was met een honderdtal zestigplussers. Ik had een uiteenzetting gehouden over duurzaam eten (omdat ik daar een boek over geschreven had). 'En wat hebt u nu zelf deze middag gegeten?' vroeg de moderator vol verwachting. Het was een uur of drie in de namiddag. Ik had een strak getimede, spannende werkdag met veel verplaatsingen. Eten was de laatste van mijn zorgen geweest, dat leek me logisch. 

Voor mijn publiek was het helemaal niet logisch. Ik zag hun vertrouwen wegzakken. Hoe kon ik voor voedingsexpert doorgaan, als ik zelf mijn maaltijden verwaarloosde? Mijn verhaal over klimaatverandering en minder vlees eten was redelijk nieuw voor hen, en niet zo aantrekkelijk. Zeker niet als het ermee gepaard ging dat je je middageten oversloeg. Ze zagen iets verloren gaan. 

De treurlunch

Vandaag ben ik daar meer mee bezig dan toen, met de dingen die verloren gaan. De kennis en vaardigheden die verloren gaan, de smaken, de betekenis van eten, de rituelen. De eetcultuur die afbrokkelt. En de nieuwe die in de plaats komt, natuurlijk. Daarover gaat deze tekst.

Ik zou dit niet hebben kunnen schrijven als ik mij tegelijk ook verantwoordelijk had moeten voelen voor drie goed georganiseerde maaltijden per dag, of, erger nog: elke dag rond halfzes 's avonds post zou moeten vatten achter een fornuis ('Wat hebt u gisterenavond klaargemaakt, mevrouw?' 'Ik heb soep opgewarmd van eergisteren'). Ik zou geen krantenjournalist kunnen zijn en waarschijnlijk geen boeken kunnen schrijven. Ik heb geen kinderen, mijn man is 's avonds vaak op zijn werk, ik kus mijn twee handen: niemand verwacht dat ik kook. Als ik kook, doe ik dat omdat het me past. Of omdat ik zoveel zin heb om tomaten in te maken, dat ik er mijn slaap voor laat. 

Er zijn steeds meer mensen zoals ik, die zich niets moeten aantrekken van vaste maaltijden en van wie niemand verwacht dat ze koken. Er zijn meer eenpersoonshuishoudens in ons land dan huishoudens met kinderen, en ook het aantal koppels zonder kinderen neemt toe, en het aantal mensen dat zich in een co-ouderschapsregeling slechts deeltijds over kinderen ontfermt. 

Hun veranderende eetgewoonten zijn razend interessant voor marktonderzoekers, die graag goochelen met termen als snackfast: een reeks tussendoortjes in de loop van de voormiddag, die het ontbijt vervangt. De sad desk lunch oftewel eenzame picknick aan de computer neemt de plaats in van de gedeelde middagpauze. De voedingsindustrie houdt er maar beter rekening mee dat we in toenemende mate secundair eten: eten terwijl onze hoofdactiviteit iets anders is. Amerikanen spenderen vandaag al meer tijd aan secundair eten dan aan maaltijden. 

Het keukenloze huis 

Waar wachten we nog op om huizen zonder keukens te bouwen? Voor de Barcelonese architecte Anna Puigjaner is het geen retorische vraag (ter zijde: haar naam spreek je ongeveer uit als pu-dzja-nèr, met de klemtoon op het eind). Ze heeft zelf nog geen enkel keukenloos huis gebouwd, maar schreef er wel een doctoraat over, en werd daarvoor bekroond met de Weelwright Prize van Harvard University, die haar 100.000 dollar schenkt zodat ze haar onderzoek kan uitbreiden. Het voorstel dat ze daarvoor indiende heet, provocerend, Kitchenless City: verlos onze steden van de keuken. Anna Puigjaner gelooft 'dat gebouwen mensen moeten helpen om hun leven efficiënter te maken', oordeelde de jury van de prijs enthousiast. 'Ze streeft naar een architectuur die de kracht heeft om de last van ons huishoudelijke leven te verlichten.' 

Anna Puigjaner provoceert graag. Ook op mij werkte haar verhaal – en de lof die ze ermee oogstte – aanvankelijk als een rode lap op een stier. Maar ik kan niemand noemen die zo'n interessant onderzoek doet naar eetcultuur. 

Het woningtype dat ze in haar doctoraatsthesis tegen het licht houdt, maakte opgang in New York in de late negentiende eeuw: appartementen zonder keuken, maar wel met een gedeelde keuken, eetruimte en kok (de formule werd later weer opgeborgen omdat ze werd geassocieerd met het communisme, zegt Puigjaner). Met het geld van de Weelwright Prize zal ze andere historische voorbeelden onderzoeken én eigentijdse experimenten zoals de Sargfabrik in Wenen, een cohousingcomplex waarin de 112 wooneenheden verbonden zijn met een gemeenschappelijke keuken en een restaurant. De Sargfabrik werd opgericht door burgers die het ideaalbeeld van het traditionele gezinnetje veel te dominant vonden, en de kwaliteitsvolle woningen in hun stad veel te duur. Maar Puigjaner reist ook naar de commerciëlere, hostel-achtige YOU+ International Youth Apartments in China: woonblokken met zeer kleine, keukenloze huurstudio's voor alleenstaanden onder de 45, die voor hun eten terechtkunnen in een cafetaria of een deelkeuken. 

'Houd voor ogen dat maar een minderheid van de bevolking in een conventioneel gezin leeft', zegt Puigjaner in een interview met de architectuurwebsite Archdaily. Waarom sporen onze huizen niet met die realiteit? 'We hebben vandaag veel grotere, mooiere, beter uitgeruste privékeukens dan honderd jaar geleden. Maar we zijn niet meer gaan koken.' En Puigjaner vindt dat gewoon logisch, zegt ze: 'Huishoudelijk werk moeten we overlaten aan betaalde professionals, die het veel beter kunnen dan wij.' (Daar is de rode lap weer.)

Hello! 

Kunnen gewone mensen niet goed genoeg koken? Of boodschappen doen? Tien jaar geleden zou het nog een vergezochte vraag geweest zijn, maar vandaag zie ik in mijn straat geregeld camionettes van het Duitse bedrijf Hello Fresh. Ze leveren maaltijdboxen: pakketten met precies de juiste ingrediënten voor drie of vijf maaltijden op maat van jouw huishouden, die je alleen nog te bereiden hebt volgens het bijgesloten recept. Klanten van Hello Fresh (of zijn concurrenten Smartmat en Marley Spoon) vertellen je mogelijk dat ze dankzij hun maaltijdboxabonnement geen boodschappen meer moeten doen, maar ze moeten natuurlijk nog altijd naar de winkel voor appels, thee of afwasproduct. Wat Hello Fresh echt voor hen doet, is beslissen. Het is er voor mensen die wel zelf willen koken en daar meer dan genoeg geld voor hebben, maar onvoldoende zelfvertrouwen.

Puigjaner en Hello Fresh doen niet hetzelfde. Hello Fresh doet alsof het normaal is dat a) je zelf niet genoeg verbeelding of kennis hebt om te koken en b) het wel eenieders droom is om dat koken dagelijks tot een goed eind te brengen. Ook Puigjaner stelt dat we zelf niet goed genoeg koken, en haar oplossing is: stop met proberen! Haar voorstel is op het eerste gezicht schokkender. 

Maar Puigjaner zegt niet dat we moeten stoppen met nadenken over ons eten. Ze suggereert dat uitbesteden tegelijk ook toe-eigenen kan zijn. Dat gemeenschappelijke keukens net kunnen samengaan met de hernieuwde belangstelling in de herkomst van eten, of met de gedachte dat je samen sterker staat. 'Uiteindelijk is een gemeenschappelijke keuken iets als een coöperatieve winkel, met als enige verschil dat je er gekookt eten koopt.' 

De fanfare van honger en dorst

Ik vraag mij af wat Anna Puigjaner doet in haar vrije tijd. Hoe ontspant ze? Hoe voedt ze haar zintuigen? Hoe houdt ze het leven speels en boeiend? Hoe verwent ze de mensen die ze graag ziet?

Doet ze alleen maar dingen waarin ze een professioneel niveau haalt? 

Vindt ze ook dat we bloembollen beter in de grond laten steken door geschoolde tuinaannemers? Dat we beter geld samenleggen voor een professionele fanfare dan dat we zelf trompet proberen te spelen? Dat mensen met kinderen het verhaaltje voor het slapengaan beter uitbesteden aan een jonge freelancer (met een letterkunde- of theaterdiploma uiteraard)? En heeft ze echt geen vrienden die lekker en weloverwogen koken hoewel ze eigenlijk geschoold zijn als graficus, kleuterleider of lasser?

Ik vraag me ook af hoe Anna Puigjaner de toekomst ziet. Een toekomst waarin we allemaal nog meer uren gespecialiseerd, betaald werk doen? Waarin thuis alleen maar een slaapplaats is, ingericht, verzorgd en van proviand voorzien door mensen die daar meer verstand van hebben dan wij? Waarin je alleen leert koken als je daar een beroepsopleiding voor volgt? 

Ik vraag me af wat Anna Puigjaner zou vinden van de woongemeenschap in Vinderhoute, die ik zelf leerde kennen toen ik er werd uitgenodigd voor een workshop. De bewoners hebben er ruime eengezinshuizen, elk met hun privékeuken, maar ook een professioneel uitgeruste gemeenschappelijke keuken met eetzaal. Daar wordt gemiddeld twee keer per week samen gekookt en gegeten. Het is bovendien een afhaalpunt voor het lokale voedselteam: een losse vereniging van burgers uit Vinderhoute die samen wekelijks seizoensgroenten bestellen bij een ecologische boer in eigen streek. 

Hoe kun je groentenoverschotten bewaren zonder dat je een gigantische koelkast en diepvriezer nodig hebt? Rond die vraag hadden het voedselteam en de cohousing samen een workshop georganiseerd. We maakten zuurkool, tomatenpassata en tafelzuur van courgettes met curry. 

Als het gaat over afbrokkelende eetcultuur en kookkunst die in vergetelheid raakt, wordt dat vaak geassocieerd met moeders die minder tijd doorbrengen in hun keuken, met de gezinsmaaltijd die onder druk staat. Maar hier was net ruimte en tijd voor nieuwe vaardigheden omdat een groep gezinnen hun eigen keuken en hun traditionele onderonsjes geregeld eens naar het tweede plan schoven.

Ik denk dat Anna Puigjaner er blij van geworden zou zijn. (En dat de Leuvense zestigplussers onder de indruk zouden zijn van mijn behendigheid met weckpotten!) 

We hébben tijd 

Dat we geen tijd meer hebben om te koken is tot dusver vooral een verhaaltje waarmee kant-en-klare sauzen worden verkocht. Het klinkt aannemelijk, maar het is niet waar, toch niet in Vlaanderen. Tussen 1999 en 2013 nam het aantal uren dat vrouwen wekelijks besteedden aan eten maken, af van 6 uur tot 5 uur en 3 minuten. Maar mannen gingen méér koken: wekelijks 3 uur en 11 minuten, terwijl dat in 1999 nog maar 2 uur en 34 minuten was. Tel mannen en vrouwen bij elkaar op, en in totaal is onze tijd voor de keuken slechts lichtjes afgenomen. 

De cijfers komen uit tijdsbestedingsonderzoek van de Vrije Universiteit Brussel en zijn gebaseerd op een steekproef bij 3.260 Vlamingen. Die toont meteen ook het addertje in het gras: de tijdsdrukervaring neemt toe, vooral bij ouders van jonge kinderen. Het gevoel van tijdgebrek is het sterkst bij de deeltijds werkende ouders, die het grootste deel van de huishoudelijke taken dragen en vaak ook de maaltijden voor hun rekening nemen. 

Het ideaalbeeld van het gezinnetje dat dagelijks aan de keukentafel zit rond de dampende ovenschotel (en de dampende ouder die die ovenschotel in een race tegen de tijd heeft bereid), zal steeds minder stimuleren. Er moet iets denkbaar zijn wat haalbaarder is voor mensen met, en aanstekelijker voor mensen zonder kinderen. Iets wat beter past bij wat we nodig hebben.

Samenkoken 

Die zoektocht is natuurlijk al begonnen. In mijn thuisstad Antwerpen richtten twee jonge vrouwen Amador, op, een 'deelkeuken' waar diners worden bijeengekookt voor telkens 24 mensen. Wie mee kookt, betaalt minder. Het doel is vooral gezelligheid, onder het motto 'kook en eet alsof je met velen op vakantie bent, maar dan om je hoek, zomaar een dag in de week'. Enkele wijken verder is de strijd tegen de sad desk lunch aangebonden: thuiswerkers die elkaar kennen als buren, hokken op informele basis samen in de lunchpauze. 

Zelf deel ik met vrienden uit de buurt een volkstuin. Het samen tuinieren gebeurt met wisselend succes, maar levert meer op dan groenten en frambozen. We eten soms bij elkaar thuis, brengen elkaar weleens maaltijden als we veel gekookt hebben (of als we denken dat het deugd kan doen), wisselen tips uit om elk stuk van onze groenten tot iets lekkers te verwerken – mijn favoriet is het prachtige donkerrode loof van onze bull's blood-bietjes. We leveren elkaar met de fiets oogst aan huis (hallo, vers!). Boven een zak sla en lente-uitjes delen we lief en leed. Er is een verwantschap uit voortgekomen. 

Soms groeit zo'n culinair verbond uit tot iets groters. De Beek, dat zichzelf een voedselbewegingscollectief noemt, werd zes jaar geleden uit de grond gestampt door een tiental jonge gezinnen, koppels en singles die wilden zoeken naar een alternatief voor ons spilzieke voedselsysteem. Ze huren samen een oud atelier waarin ze met bijeengesprokkeld materiaal een grote keuken installeerden, en legden contact met biotuinders en -handelaars uit de buurt en de streek, waar ze regelmatig overschotten mogen oogsten of oppikken. Met die overschotten koken ze ongeveer wekelijks samen. Iedereen mag mee komen koken (gratis kookles) en iedereen mag voor een vrije bijdrage mee eten. De Beek noemt zichzelf weleens een doe-tank. Behalve kooksessies, inmaaknamiddagen en gastentafels zijn er ook soms infoavonden (over permacultuur of fietsreizen), kleiateliers en kledingruildagen. 

Velt, de Vereniging voor Economisch Leven en Tuinieren, draagt de basisformule van De Beek sinds kort in heel Vlaanderen uit. Ze leidde dit voorjaar vijftien 'ecokoks' op tot coaches om samenkeukens op te richten en te begeleiden. Het resulteerde deze zomer en herfst in een lange reeks samenkooksessies, die plaatsvonden in parochiezalen en cultuurcentra, maar ook op bioboerderijen en in samentuinen. 

Mama Marta

Nieuwer dan De Beek is Marta, een maandelijkse markt op zaterdag. Marta noemt zichzelf gewoon 'de mart van 't Stad', wat een beetje verhult dat er een kritisch onderzoek achter zit. Wat is duurzame landbouw, hoe kan de stad zich daartoe verhouden, hoe kunnen afvalstoffen weer grondstoffen worden, is ecologisch per definitie biologisch? Zeven jonge Antwerpenaars, verenigd in twee vzw's, breken er onophoudelijk hun hoofd over en werken hard aan een netwerk van geëngageerde landbouwers en ambachtsmensen. Maar hun markten zijn ook bijzonder fijne ontmoetingsplekken, waar je kunt ontbijten, brunchen, koffie drinken, wijn proeven en uiteindelijk zelfs blijven hangen tot na het opkramen, wanneer met de onverkochte verswaren een overschottendiner wordt bereid. Het gemak waarmee je bij dat alles vertraagt, de vriendschappelijkheid, het ontbijtbuffet met eenvoudig maar verzorgd eten, de gesprekken over recepten en smaken, het getik van bestek op servies... doen denken aan een ongecompliceerde familiebijeenkomst. 

Enkele van de mensen achter Marta werken in de kunstensector en dat merk je: de markt is knap vormgegeven en heeft een zeker hipstergehalte. Maar het doel is onverholen educatief. Marta moet een 'voedsel-leerpunt' zijn, schrijft de vzw Ondergrond op haar website, waar Antwerpenaars informatie vinden 'over duurzame landbouw, voedselproductie en innovatie'.

Red de refter

Het indrukwekkende parcours van Alle Dagen Honger begon met twee jonge vrouwen die een tijdje een appartement deelden. Al snel deelden ze ook de tomaten die de ene meekreeg uit haar geboortestreek, en de natuurwijn die de andere leerde kennen via haar vriend. En ontdekten ze dat ze allebei ontevreden waren over de behandeling die eten doorgaans krijgt in de media: te oppervlakkig. Hun eerste wapenfeit was een blog, maar daar kwam verbazend snel Krachtvoer uit voort, een tweedaags kritisch-gastronomisch festival dat duizenden mensen samenbracht rond documentaires, lezingen, gesprekken, workshops en proeverijen. 

Alle Dagen Honger noemt zichzelf nu een culinair projectbureau, werkt mee aan diverse evenementen en onderzoekstrajecten, en spitst de volgende editie van Krachtvoer toe op onze grootkeukens. Hoe eten we vandaag in scholen, rusthuizen en ziekenhuizen? En hoe zouden we daar kunnen eten? Het wordt voor de gelegenheid geen breed publieksfestival, maar een symposium voor 'beleidsmakers, chefs, wetenschappers, ouders, ontwerpers en hongerige geesten'. Werktitel: Red de refter. 

En ja, daar ga ik Anna Puigjaner over mailen. Haar kitchenless city heeft doordachte gaarkeukens nodig. Maar ik wil haar ook zeggen hoe goed wij hier zelf kunnen koken.  

Het ding met historische verschuivingen is dat je ze niet meteen herkent. Je ziet alleen iemand die vaak een pak ouder of een pak jonger is dan jij, en die iets zegt of doet wat jij vreemd, schokkend of belachelijk vindt. Of onwaarschijnlijk ambitieus en geïnspireerd. Soms is het een hele groep mensen, die allemaal volharden in ambitie, en nog zal het niet meteen dagen dat voor je neus geschiedenis geschreven wordt. 

Meer weten & proeven 

* Het voedselbewegingscollectief De Beek heeft zijn keuken in de Van Diepenbeeckstraat in Antwerpen, dicht bij de wijk Zurenborg. Een agenda met activiteiten vind je op debeekblog.wordpress.com. Wie op de hoogte wil blijven, schrijft zich (ook via die website) het best in voor de nieuwsbrief, want veel activiteiten worden last-minute georganiseerd, bijvoorbeeld wanneer er plots oogstoverschotten zijn waarvan confituur of tomatenpassata gemaakt kunnen worden. 
* Marta houdt elke eerste zaterdag van de maand van 9 tot 16 uur markt aan het Kattendijkdok in Antwerpen. 
* De volgende editie van Krachtvoer vindt plaats in Antwerpen in het voorjaar van 2017.

Bio

Dorien Knockaert is foodwriter en correspondente 'De bacteriële revolutie' bij De Standaard. In 2012 verscheen van haar Goed Eten. Een jaar lang proeven, koken en zoeken naar een eerlijke keuken.

 

 

Add a comment

Grow, Eat, Share. 120 recepten van boer tot bord

avalon boek007 kopie 2Na het succesvolle en met een Vegan Award bekroonde kookboek Puur & Vegetarisch brengt Restaurant Avalon dit jaar een nieuw uniek kookboek uit: Grow Eat Share - 120 recepten van boer tot bord. Het bundelt de favoriete plantaardige recepten van vier chefs en zoomt in op de inspirerende lokale transitiepartners met wie Avalon samenwerkt.

Add a comment

Lees meer

Vrijheid & Zekerheid

Samenlevingen veranderen doorheen de tijd. Zo zorgde de welvaartsstaat vanaf de jaren 1950 dat burgers van toenemende vrijheid genoten terwijl de overheid voor zekerheid zorgde. Vanaf de jaren 1980 maakte de neoliberale markt van vrijheid en zekerheid dan weer individuele projecten.

Volgens Dirk Holemans ontwikkelt zich nog eens ruim dertig jaar later een derde tijdperk: de sociaal-ecologische samenleving. Die samenleving pakt de paradox van onze tijd aan. Want vrijheid en zekerheid hebben nog weinig te maken met het behoud van onze huidige wereld. Hoe we ons morgen verplaatsen, voedsel produceren of energie opwekken: alles zal anders zijn. Naïef, zegt u? Nochtans nemen steeds meer burgers concrete initiatieven in samenwerking met progressieve besturen. Denk aan lokale voedselsystemen, energiecoöperaties, duurzame mobiliteit, enzovoort.

In dit uitdagende boek toont Holemans aan hoe zo’n samenleving van de 21ste eeuw eruit kan zien en hoe we daar geraken.

Vrijheid & zekerheid. Naar een sociaal-ecologische samenleving is een uitgave van Uitgeverij EPO i.s.m. Denktank Oikos

 

Over het boek:

"Over wat soort ideeën en werkwijzen beschikken we voor de transitie naar een duurzame maatschappij? Weinige Belgische auteurs hebben hierover zo'n alomvattend perspectief als Dirk Holemans. Hij ontwikkelt een visie over de radicale evolutie naar een duurzame maatschappij die vrijheid en zekerheid in evenwicht kan houden. Voor eenieder die wil meewerken aan de transitie naar een sociaal-ecologisch maatschappijmodel is dit boek een must." - Michel Bauwens, cyberfilosoof en oprichter van de p2p foundation

"Voor mensen die geïnteresseerd zijn in kritische politieke ecologie en commons, in politisering en burgerinitiatief, in het partnerschap tussen geëngageerde burgers en een flankerende overheid, in ontmarkting en de strijd tegen neoliberalisme, en zich kunnen vinden in het motto "Transitie is oorlog" in het streven naar sociaal-ecologische rechtvaardigheid, raad ik dit boek nu al zéér warm aan. Ik heb écht genoten van dit boek. Dirk Holemans steekt David Bollier voorbij!" - Pascal Debruyn, Postdoc onderzoeker, Politieke wetenschappen UGent

Bestellen:

Vrijheid & zekerheid kan je bestellen bij Oikos door overschrijving van €19,- + €5,- verzendingskosten op het rekeningnummer BE29 0015 9877 0164 (BIC: GEBA BE BB) van Oikos vzw met in de mededeling de titel van de publicatie en je adres (enkel binnenland).

Add a comment

Terugblik op Ecopolis 17/4/2016

De tweede editie van Ecopolis - op 17 april 2016 in het Kaaitheater - was een boeiende dag vol inspirerende debatten, boeken, dialoogtafels en documentaires. De rode draad doorheen dit alles was het thema Macht, Politiek en Chocolade. Lees hier het resultaat van de vijf verschillende debatten die doorheen de dag plaatsvonden. Een klik op de titel brengt je bij de opname van dat debat op Vimeo.

Debat 1: Macht en Europa

In dit eerste debat met Joris Luyendijk, Bart Staes en Nina Holland weerklinkt de positieve noot dat elke burger macht in zich heeft. De macht van de politici manifesteert zich namelijk door de steun van de burgers. De progressieve stem krijgt op dit moment geen gehoor in Europa, maar ook daar kunnen burgers weer verandering in brengen. Bij elke lokale, nationale of Europese verkiezing heeft de burger de kans om andere vertegenwoordigers aan de macht te brengen. Ook de waarde van tegenbewegingen is niet te onderschatten. Minder optimistisch is de stelling dat het huidige systeem teert op de 80% van de bevolking die geen uitgesproken mening heeft. Daarnaast stoten we op de kracht van de lobbywereld die schuilt in het geld dat zij hebben, daar zit hun macht. Een oproep voor een revolutie, met de tegenbewegingen op kop!

Debat 2: Wat na de COP21 in Parijs

Het cynisme over het effect van het klimaatakkoord is groot. Fundamentele veranderingen zijn niet zichtbaar, het lijkt nog steeds ‘business as usual’. Ook al is de huidige positie van China grotendeels bepaald door de top in Parijs, de Vlaamse klimaattop helpt de positieve kijk niet vooruit. Vlaanderen, Brussel en Wallonië geven voor de komende jaren blijk van ambitie noch daadkracht.

Toch pleiten de panelleden voor een positieve kijk op de zaak; transitie heeft tijd nodig. Meer en meer staat de bedrijfswereld open voor samenwerking achter de schermen, weet Sabine Denis van de Shift. Natalie Eggermont van Climate Express en Karel Verhoeven van De Standaard zien dat het klimaat sterk mobiliserend werkt op de burger. Faiza Oulahsen van Greenpeace voegt hieraan toe dat burgerbewegingen moeten blijven zoeken naar nieuwe momenten om te mobiliseren en het belangrijk is beslissingsnemers continu te herinneren aan hun Parijse belofte.

Debat 3: Chocolade

Voor de Ivoriaanse boeren is het niet evident om toegang te krijgen tot de internationale markt. Dankzij het coöperatief model van Ecookim, waarvan Mamadou Bamba directeur is, krijgen nieuwe producenten hier toch de kans toe. Isabelle Quirynen van Bitterzoet legt de nadruk op een nauwe samenwerking tussen producent en boer, wat naast een goede kwaliteit ook vaak resulteert in een meer biologisch-ecologisch product.

Tegenover de producenten hebben ook consumenten, die bewust kunnen kiezen voor duurzame chocolade, een aandeel in dit verhaal. Hoge bestuursniveaus kunnen zorgen voor een lagere belasting op fairtrade producten. Zo kan ook de structuur van importtarieven, die de financiële slagkracht en connecties van grote merken bevoordeelt, aangepast worden. Daadkracht vanuit de hoge niveaus is onmisbaar in de transitie naar een duurzaam voedselsysteem volgens Olivier De Schutter, internationaal voedselexpert.

Debat 4: Genoeg

De niet te stoppen nood aan groei van de huidige economie resulteert niet enkel in het fenomeen van de ‘peak oil’, maar nu ook in dat van het minder tastbare ‘peak happiness’; volgens prof. Niko Paech hebben wij te kampen met teveel keuzes en informatie met stress als gevolg. Binnen het degrowth-scenario moeten we de waarheid onder ogen zien dat de illusie van gelijke welvaart met verbeterde technologie geen optie is. Het hele systeem moet hiervoor op zoek naar een nieuw evenwicht voor een structurele verandering. Groene filosoof John Thackara wijst erop dat je enkele jaren geleden moest speuren naar lokale projecten, terwijl er nu duizenden initiatieven floreren, maar het overkoepelende verhaal ontbreekt nog. Dat het evenwel niet evident is de val van de groei te ontlopen, toont de ‘sharing economy’ (vb. AirBnB) aan, die eerder waarde onttrekt aan de maatschappij dan te verbinden.

Het publiek haalt nog het basisinkomen aan als alternatief voor het huidige systeem. Het panel pleit eerder voor een herverdeling van arbeid op basis van een 20-uren werkweek gecombineerd met een systeem van lokale zelfvoorziening. Wannes Cappelle benadrukt hierin dat er speciale aandacht moet zijn voor zij die het moeilijker hebben in de maatschappij.

Debat 5: Burgers in de wereld

De V.N. is het enige orgaan waar alle landen van de wereld op dit moment samen rond de tafel zitten. Daarom is het absoluut een onmisbare organisatie, zegt Warda El-Kaddouri, die er jongerenvertegenwoordiger is. Maar ook deze instantie leidt onder bureaucratische logheid. Er is nood aan herijking, weten schrijvers David Van Reybroeck en Jeroen Olyslaegers. En die herijking is volop aan de gang vanuit de wortel van het verhaal: de burger. De ‘wij’ die aan het groeien is, draagt de belofte in zich van een vernieuwd bewustzijn ten opzichte van het systeem.

Het is ook noodzakelijk breder te kijken dan de medemens. Een humanisme dat niet naar dieren en de planeet kijkt, schiet schromelijk te kort. We moeten de idealen van de verlichting uiteraard bewaren, maar ook aanvullen met de realiteit van vandaag en de cirkel van solidariteit uitbreiden. Deze solidariteit, en menselijkheid, moet veel evidenter worden dan het vandaag is, vindt auteur Annelies Verbeke.

 

Add a comment

Ontgroei: een vocabulaire voor degrowth in een nieuw tijdperk

Hoe maken we werk van een andere economie die streeft naar ‘beter’ in plaats van naar steeds ‘meer en sneller’? Hoe kunnen we dus ontgroeien? Het lijkt de enige weg naar een sociaal rechtvaardige en ecologisch duurzame wereld. Deze nieuwe Oikos-publicatie is de vertaling van Degrowth, het standaardwerk met een overzicht van de belangrijkste thema’s en uitdagingen.

Wereldwijd groeit de Degrowth beweging. Want de huidige focus op economische BBP-groei leidt al decennia tot toenemende ongelijkheid en milieuschade. En steeds meer spullen maken niet gelukkig, integendeel. Enkel door te ontgroeien realiseren we een sociaal rechtvaardige en ecologisch duurzame wereld. Het boek reikt sleutelwoorden aan om het debat over de toekomst van onze economie te inspireren.

Degrowth – Woordenboek voor een nieuw tijdperk is samengesteld door Giacomo D'Alisa, Federico Demaria en Giorgos Kallis, alle drie verbonden aan de Autonome Universiteit van Barcelona en lid van het Research & Degrowth netwerk.

De Nederlandse vertaling is het werk van Jan Matthieu en Jan Mertens.

Over het boek

“Wie meer wil weten over een economie van duurzaamheid voor de 21e eeuw, moet zeker dit boek ter hand nemen.” Wolfgang Sachs, Wuppertal Instituut, Berlijn.

“Dit boek is een revolutionaire poging om de economie te begrijpen alsof mens en natuur ertoe doen.” Manuel Castells, University of California, Berkeley

 Bestellen:

Ontgroei kan je bestellen bij Oikos door overschrijving van € 22 (€ 19 + € 3 verzendingskosten) op het rekeningnummer BE29 0015 9877 0164 (BIC: GEBA BE BB) van Oikos vzw met in de mededeling de titel van de publicatie en je adres.

Add a comment

Uitstoting. Brutaliteit en complexiteit in de wereldeconomie

 

Uitstoting

De inkomensongelijkheid en werkloosheid stijgen. Miljoenen mensen leven ontheemd, in gevangenschap of zijn op de vlucht voor conflicten. Land- en waterreserves overal ter wereld raken uitgeput. Al deze processen richtten de laatste dertig jaar een wereldwijde ravage aan. Sociologe en econome Saskia Sassen gaat in Uitstoting. Brutaliteit & complexiteit in de wereldeconomie op zoek naar de onderliggende oorzaken van die transformaties, weg van klassieke denkkaders en tegenstellingen. Hierbij belicht ze de complexe organisatorische capaciteit van onze moderne wereld.

Add a comment

Lees meer

Het klein verzet

 


In 2014 trok journaliste Tine Hens door Europa op zoek naar antwoorden op de vele vragen die ze zich stelde: ‘Hoe zou de wereld na het kapitalisme eruit zien? Wat betekent het om plots groei als maatstaf der dingen los te laten? En hoe zou een andere mogelijke maatstaf kunnen ogen? Wat als we met z’n allen beslissen dat niet de economie ons bepaalt maar dat wij de economie zijn?’

Haar reis leidde haar langs mensen die het anders willen doen, die werken aan menselijke alternatieven voor concurrentie en groei - van Denemarken tot Griekenland en van Groot-Brittannië tot Letland. De verhalen van deze mensen schreef ze neer in haar boek Het klein verzet. Ze neemt de lezer mee langs vergeten utopieën, langs boeren die elektriciteit verkopen, langs kiwi’s van eigen kweek, langs mensen die hebben en kopen inwisselden voor ruilen, delen en geven.


Tine Hens is freelancejournaliste. Ze werkte onder andere voor De Standaard, Humo en Knack.

Het klein verzet is een uitgave van Uitgeverij EPO i.s.m. Denktank Oikos

Bestellen:

Het klein verzet kan je bestellen bij Oikos door overschrijving van €17,- + €3,- verzendingskosten op het rekeningnummer BE29 0015 9877 0164 (BIC: GEBA BE BB) van Oikos vzw met in de mededeling de titel van de publicatie en je adres (enkel binnenland).

Add a comment

Vandana Shiva in België

In september is op uitnodiging van denktank Oikos niemand minder dan Vandana Shiva te gast in ons land. Shiva is internationaal erkend voor haar werk als wetenschapper en activiste en werd daar ook meermaals voor bekroond. Zij is een van de mondiale figuren van de strijd tegen ggo's, patentering van zaden en de hiermee verbonden multinationals als Monsanto.

Op dinsdag 17 september geeft Shiva een lezing in NTGent, de dag nadien spreekt ze in Brussel.

Een interview met deze inspirerende denker kan je hier bekijken.

Add a comment

Lees meer

Auteursgesprek 'Stilstand'

Hoe komt het dat de Vlaamse regering er na al die jaren maar niet in slaagt een oplossing te vinden voor de Antwerpse mobiliteitsproblematiek? Manu Claeys geeft in zijn boek Stilstand antwoorden op die vraag. Op 27 juni stelt hij in het Gentse Geuzenhuis zijn boek voor en gaat hij in gesprek met professor Filip De Rynck.

Op 19 december 2005 tekende de actiegroep stRaten-generaal officieel bezwaar aan tegen een nieuwe snelweg door de stad Antwerpen en legde meteen ook een alternatief voor. Het was het begin van een lange strijd tegen het grootste geplande infrastructuurproject ooit in België: de Oosterweelverbinding. Mobiliteitsexperts, milieudeskundigen, dokters, planologen, bedrijfsleiders, bewonersgroepen en stadsbrede bewegingen sloten zich aan bij het protest.

Uitgemeten op tijdsverloop, media-aandacht en politieke commotie werd dit 's lands grootste burgerstrijd van de voorbije jaren, die voortduurt tot vandaag. Het politieke beheer van het dossier verwerd stilaan tot een ingewikkeld staketsel van manipulatie en bedrog. Partijbelangen, machtspolitiek en parallelle besluitvorming creëerden een zwart gat, dat gaandeweg elk streven naar nuchtere beleidsvoering en uiteindelijk het vinden van valabele oplossingen opslokte.

In Stilstand brengt Claeys zijn meest cruciale teksten over de kwestie samen in een uniek logboek. Hij becommentarieert in real time de gebeurtenissen, reageert op politieke communicatie, hekelt het gebrek aan transparantie en burgerparticipatie, hij informeert over alternatieven en roept op tot actie.

Manu Claeys is voorzitter van stRaten-generaal. Samen met de actiegroep Ademloos kreeg stRatengeneraal in 2010 de Prijs voor de Democratie. De auteur is een gelauwerd essayist.

Add a comment

De Groene Academie

Het wordt stilaan een gewaardeerde traditie: de Groene Academie van Oikos. Net als vorige jaren biedt Oikos ook dit najaar een basisopleiding aan over ecologisme als ideologische stroming. Op drie zaterdagen worden de bouwstenen van de groene ideologie uit de doeken gedaan. De dagen bestaan uit een voor- en namiddag gedeelte, waarbij telkens deskundigen een uiteenzetting geven die uitmondt in een groepsgesprek in een ongedwongen sfeer.

321247 2269505590513 12204125 nTijdens de eerste dag wordt inzicht gegeven in de historische wortels en de ontwikkeling van het ecologisch bewustzijn, van het ecologisch denken en de groene partij. De tweede dag focust op de verschillende opvattingen binnen de groene beweging over de economie en op ecologisch burgerschap als uitgangspunt van een hedendaagse, dialogische democratie. Tot slot schetsen we een groene kijk op de toekomst van de welvaartsstaat en gaan we in gesprek met ecologisten uit de praktijk.

De Groene Academie vindt dit jaar plaats op 5 oktober, 16 november en 14 december. Meer informatie vind je hier. Let wel, wegens de grote belangstelling is snel inschrijven aan te raden!

Add a comment

Doneer

Wil je Oikos steunen als onafhankelijk platform? Dan kan door een bijdrage – groot of klein - te storten op BE29 0015 9877 0164 (BIC: GEBA BE BB) van Oikos vzw.

Over Oikos

Oikos wil een toonaangevend forum zijn voor de sociaal-ecologische tegenstroom. Oikos vertrekt vanuit de analyse dat het gangbare economische model ecologisch niet duurzaam is, en dat de emancipatie van velen in onze samenleving en de wereld nog lang niet voltooid is. Oikos behandelt alle dimensies van dit streven naar verandering: de onderliggende ethiek, de analyse van de bestaande toestand, de ontwikkeling van alternatieven en de politieke strategie.

Gratis proefnummer

Wil je graag een gratis proefnummer ontvangen van Oikos? Dat kan! Vul op deze pagina jouw gegevens in en wij sturen jou het laatste Oikos nummer als gratis proefnummer op.